Odisee-studenten wandelen 100 kilometer voor kwetsbare neushoorns
Stage in Zuid-Afrika confronteerde hen met de dagelijkse strijd tegen stroperij
Stroperij blijft één van de grootste bedreigingen voor de Afrikaanse neushoorn. Dagelijkse patrouilles, speurhonden en permanente bewaking houden de dieren veilig. Die aanpak is echter intensief en brengt hoge kosten met zich mee.
Studenten en docenten van de opleiding Agro- en Biotechnologie aan de Odisee-hogeschool zagen die uitdagingen van dichtbij tijdens een ervaringsstage in Mankwe Wildlife Reserve, een neushoornreservaat in Zuid-Afrika. Op 14 augustus nemen maar liefst negen personen van de stagegroep deel aan de Dodentocht in Bornem. Het doel? Geld inzamelen voor het reservaat én aandacht vragen voor de dagelijkse strijd tegen stroperij.
“Je weet dat stroperij bestaat, maar pas wanneer je ziet hoe het reservaat dag en nacht moet worden bewaakt, besef je hoe kwetsbaar die dieren zijn”, aldus Lenie, één van de deelnemende studenten. “Rangers werken continu, vaak met beperkte middelen, om te voorkomen dat dieren worden gedood. Dat blijft hangen.”
Dagelijkse strijd om neushoorns te beschermen
Tijdens hun verblijf kregen de studenten en docenten een directe inkijk in de werking van de anti-poaching unit van Mankwe Wildlife Reserve. Om de neushoorns te beschermen patrouilleren rangers er elke nacht, controleren ze kilometerslange omheiningen en houden ze het reservaat voortdurend onder toezicht. Die permanente waakzaamheid is onmisbaar om stropers tijdig op te sporen en de dieren te beschermen.
Tegelijk werd duidelijk hoe groot de uitdaging is. De studenten en docenten vonden resten van stropersvallen, woonden een training van het rangerteam bij en hoorden hoe eerdere Odisee-stagiairs 's nachts oog in oog stonden met stropers op het terrein. Ook eerdere stroperijgevallen maakten indruk: ondanks de intensieve bewaking verloor het reservaat al neushoorns aan stropers.
Financiële druk op reservaten
De opbrengst gaat naar de werking van het Mankwe Wildlife Reserve, dat recent uitbreidde met een tweede natuurgebied. Daardoor krijgen wilde dieren meer leefruimte, maar stijgt ook de nood aan bescherming. Meer terrein betekent extra patrouilles, bijkomende controles van omheiningen en een verdere uitbouw van de anti-stroperijwerking.
De ingezamelde middelen worden onder meer gebruikt voor:
- de lonen van rangers die het terrein bewaken;
- de training van speurhonden van de anti-poaching unit;
- de dagelijkse beveiliging van het reservaat.
"Voor veel mensen speelt stroperij zich ver van hun leefwereld af", vertelt Vicky, een andere student. "Maar op het terrein zie je dat de bescherming van neushoorns afhangt van mensen en middelen: rangers en speurhonden die dag en nacht patrouilleren. Zonder blijvende steun valt dat systeem stil."
Via een wafelverkoop en een online inzamelactie zamelden de studenten intussen al meer dan 1.000 euro in. De komende weken volgt een sponsoractie waarbij sympathisanten per afgelegde kilometer kunnen bijdragen.
"Dat bedrag is een mooi begin, maar op het terrein zie je dat zulke bescherming alleen mogelijk blijft met blijvende steun", gaat Vicky verder.
Voorbereiding op 100 kilometer
De groep bestaat uit studenten Robbe, Ilke, Toke, Marte, Vicky, Lenie, Jurriaan en Rube, samen met docent Leen. Na de examenperiode bereiden ze zich intensief voor op de Dodentocht van 100 kilometer. Ze combineren hun trainingen met werk, vakantie en andere verplichtingen. Afgelopen weekend wandelden ze nog een tocht van 50 kilometer in Lokeren als laatste grote test.
"Na 30 of 40 kilometer wandel je niet meer voor je plezier", zegt Lenie. "Dan is het vooral doorgaan. Maar net op zulke momenten helpt het om te weten waarvoor we stappen. Dat geeft vertrouwen voor de 100 kilometer."
Niet voor publicatie
Voor meer informatie en interviews kun je contact opnemen met persmedewerker Magali Van Daele. Zij brengt je graag in contact met de betrokken Odisee-studenten.
Magali Van Daele
.jpg)





